Jachtlaankerk en Kapel Hoog Soeren

Op de valreep voor de zomervakantie een voorlopig laatste groet van mijn kant. Zoals ds. Annelies  Jans afgelopen zondag al aangaf, sturen ze mij na de dienst van 19 juli met vakantie en eerlijk gezegd is dat geen slecht idee. Het is een bewogen jaar geweest, ook voor ons persoonlijk, met de verhuizing naar Apeldoorn, de start in een gloednieuwe gemeente, de uitbraak van corona met alle gevolgen van dien, en als sluitstuk een tweede verhuizing binnen Apeldoorn. Er zijn wel eens minder intensieve jaren geweest, zal ik maar zeggen. En ik heb zin om eens even stil te staan en in alle rust terug te blikken en de boog te ontspannen.

Waar ik trouwens ook al zin in heb, is om jullie (na die vakantie) allemaal weer te zien. Dat zal nog geen sinecure worden. Sinds 5 juli mogen er weer kerkgangers naar de diensten komen, maar de animo is nog aan de bescheiden kant. Dat is trouwens heel begrijpelijk. Straks in september, als we weer teruggaan naar ons eigen kerkgebouw, neemt die animo vast verder toe, maar ook daar zijn we heel beperkt in het aantal mensen dat op anderhalve meter van elkaar de lofzang (als we al mogen zingen) gaande kan houden. Dat is voorlopig de realiteit.

Op 12 juli hadden we voor het eerst weer een kerkdienst in de Jachtlaankerk, een dienst voor alle gezinnen met de titel “Happy Family Hour”. Dat was een feest, weer een kerk vol met kinderen, jongeren en hun ouders. Verderop in deze nieuwsbrief vindt u een mooi verslag en dito foto’s. Het liefst hadden we deze dienst gevierd op zondagmorgen met álle gemeenteleden, van alle leeftijden, maar met de 80 deelnemers die er nu waren op anderhalve meter was de kerk helaas vol. Dat is niet anders. Maar het smaakte zeker naar méér. En hopelijk is ons dat binnen afzienbare tijd als gemeente gegund.

Maar nu eerst de zomer, waarin we nog even gezamenlijk de kerkdiensten houden in de Grote Kerk. Waarin de nieuwsbrief in afgeslankte vorm verder gaat, want uw redacteuren nemen ook wat gas terug. En waarin velen rust nemen en op vakantie gaan, al is dat vanwege corona wellicht een andere vakantie dan ze aanvankelijk gepland hadden. Thuis of elders in eigen land is het hopelijk ook goed toeven.

Ik weet dat voor anderen de zomerperiode niet altijd aanlokkelijk is: het wordt stiller dan je lief is, vakantievierende familie wordt gemist, en het mooie weer kán (in Holland weet je het nooit) meer warmte geven dan goed voor een mens is. Kortom, de zomer is een periode die verschillend ervaren wordt. Maar wat we denk ik állemaal hebben, is herinneringen aan zomers van vroeger: vakanties, reizen, kamperen, strand en bergen, logeerpartijen, lome zomeravonden, slapen met het raam open, verveling thuis, verliefdheid op de camping, en ga zo maar door. Dat geeft de zomer ook iets nostalgisch, iets weemoedigs. Dat gevoel vond ik terug in onderstaand gedicht. Om van te genieten, voor reizigers en thuisblijvers:

De zomers

Klaprozen, korenbloemen, barstenvolle
goudgele aren streelden mijn gezicht.
Groengouden vliegen zoemden een gedicht.
Rood liet het ooft de appelwangen bollen.

Zomernachtdonker is gesmolten licht.
Niet bang zijn voor kabouters en voor trollen.
Ze komen ‘s nachts het grasveld voor je rollen.
Alleen een dom kind houdt zijn ogen dicht.

Zullen wij dit soort zomers nooit meer zien?
Ging dan het paradijs voorgoed verloren
omdat wij aan de wereld toebehoren? 

Huil niet, huil niet, de hemel zal misschien
een zolder in een huis zijn zonder zorgen.
Daar hebben ze die zomers opgeborgen.

(uit: “Au! de rozen bloeien. Sonnetten van bedreigd geluk” van Kees Stip)

Hartelijke groet, en een goede zomer toegewenst!

Michiel de Leeuw